Clafoutis zelf maken

door recepten.tips
clafoutis

Een clafoutis is van oorsprong een Frans gebak van kersen, dat als nagerecht wordt gegeten. Het wordt gemaakt met kersen, die worden overgoten met een beslag van eieren, melk, bloem en suiker.  Clafoutis wordt in de oven gebakken en vervolgens lauw geserveerd.
De oorspronkelijke clafoutis, clafoutis aux cerises, die uit de Franse Limousin komt heeft kersen met pit. Omdat ontpitte kersen meer vocht afgeven, geeft clafoutis met ontpitte kersen niet hetzelfde resultaat. Bovendien geven de pitten extra smaak, maar het eet wat minder makkelijk, dus ik ontpit de kersen wel altijd. Je kunt ook kersen uit een pot nemen en die goed laten uitlekken, maar het resultaat is dan wel veel minder lekker.

Varianten op de clafoutis die niet met kersen, maar met ander fruit worden gemaakt, worden eigenlijk flaugnarde genoemd.

Laat de kersen een nachtje in Rum, Vodka of Jenever trekken, heerlijk voor de smaak!

Doorgaans wordt het fruit gesnipperd in stukjes, even zo groot als de kersen in de clafoutis. Zoete varianten kunnen worden gemaakt met appel, perzik, pruim, frambozen, banaan of blauwe bessen. Het is ook mogelijk om een hartige variant van de clafoutis te maken, bijvoorbeeld met spekjes, ui en champignons, maar dan laat je de suiker weg en voeg je kruiden naar smaak toe.
Omdat het beslag voor het bakken nogal dun en vloeibaar is, wordt de clafoutis in een ovenschaal gebakken en niet in een springvorm. (je loopt dan namelijk het risico dat het beslag eruit loopt)

Ingrediënten

75 gram witte basterdsuiker
200 ml volle melk
1 biologische citroen (gewassen)
250 ml slagroom
1 vanillestokje
500 gr kersen
75 g gezeefde bloem
50 gram amandelen of amandelschaafsel (of 50 gram amandelmeel) + 10 gram amandelschaafsel voor de garnering
3 eieren
2 gr zout

Bereiding

Verwarm de oven voor op 180 °C. Bestrooi 500 gram fruit met 25 gram suiker en laat even intrekken.Maal het amandelschaafsel of de amandelen in de keukenmachine fijn.

Rasp de gele schil van de citroen.  Snijd het vanillestokje in de lengte open en schraap met een mespunt het merg uit het vanillestokje. Meng met amandelmeel met de  citroenrasp,  de gezeefde bloem, 2 gram zout, het vanillemerg en 50 gram suiker  in een kom. Voeg vervolgens de eieren 1 voor 1 toe en klop goed door met een mixer of garde.

Voeg vervolgens de melk en slagroom toe. Schenk het beslag in de lage ovenschaal die je goed hebt ingevet of van bakpapier hebt voorzien en verdeel het fruit erover. Strooi het amandelschaafsel over het fruit.

Bak in het midden van de oven in ongeveer 40 min. goudbruin. Laat iets afkoelen en serveer lauwwarm. Lekker met poedersuiker erop gestrooid en een flinke klodder zure room of slagroom.

Misschien vind je dit ook lekker!

Laat een bericht achter

Deze website gebruikt cookies voor uw beleving. Accepteer Lees meer